|
De verhouding van de grootste opstaande zijde tot de kleinste opstaande zijde is q. Als men de twee diagonalen trekt, dan is de verhouding A/B van de oppervlakte van de twee driehoeken die de basissen niet bevatten (zie figuur hiernaast) gelijk aan |
A. \(\frac{p}{q}\) |
|---|---|
| B. \(\frac{p^2}{q^2}\) | |
| C. \(1\) | |
| D. \(\frac{q}{p}\) | |
| E. \(\frac{q^2}{p^2}\) |
[ vwo10-(1s23) - op net sinds 10.3.2026-(E) ]
Deze vraag (23ste) werd gesteld in jan 1995 tijdens de eerste ronde van de
10de Vlaamse Wiskunde Olympiade.
Slechst 14% gaf een correct antwoord, 16% een fout en 70% gaf geen antwoord.
|
IN CONSTRUCTION |
A. |
|---|---|
| B. | |
| C. | |
| D. | |
| E. |